Waar gaat het onderzoek over?

Net zoals andere groepen (klassen, teams, afdelingen, et cetera.) heeft elke groep op een kinderdagverblijf een eigen dynamiek. Dit noemen we groepsfunctioneren. In dit onderzoek heeft Mireille Aarts, beleidsmedewerker van KION, onderzocht wat groepsfunctioneren is, of het stabiel is en waarmee het samenhangt. Doel was te weten te komen hoe we ervoor kunnen zorgen dat kinderen op kinderdagverblijven het beste kunnen profiteren van de groepssituatie.

Het onderzoek is uitgevoerd met de Radboud Universiteit Nijmegen (o.a. prof. Marianne Riksen-Walraven) en in opdracht van KION en KINDwijzer (samenwerkingsverband kinderopvangorganisaties). 

Wat is groepsfunctioneren?

Bij groepsfunctioneren op kinderdagverblijven onderscheiden we twee aspecten, namelijk de sfeer en de samenhang binnen de groep. Bij de sfeer in de groep kunnen de meesten zich waarschijnlijk wel iets voorstellen. De samenhang in de groep is ingewikkelder. Deze is op verschillende manieren bepaald, namelijk via de relaties tussen de kinderen (wie heeft contact met wie?), via de mate waarin kinderen hun gedrag op elkaar afstemmen (bv naast elkaar hetzelfde doen, elkaar nadoen, achter elkaar aan hollen, stoeien, samen fantasiespel spelen enz) en via de interesse van kinderen in elkaar (bv kijken of lachen naar een ander kind, een ander helpen, troosten).  

Het ‘meten’ van groepsfunctioneren

Het groepsfunctioneren is gemeten in 44 groepen. Een groep kinderen werd gedurende een dag op het kinderdagverblijf gefilmd in situaties waarin ze zelf konden weten wat ze deden en met wie. Hierna werden de video-opnames gescoord. Groepsfunctioneren blijkt van groep tot groep te verschillen.

Is groepsfunctioneren stabiel?

Om te onderzoeken of groepsfunctioneren stabiel is, werden de onderzochte groepen na twee of drie weken opnieuw bezocht. Het groepsfunctioneren werd opnieuw gemeten, op dezelfde manier als de eerste keer. Het blijkt dat de ‘volgorde’ van de groepen (wie heeft de hoogste score, welke groep de op een na hoogste score, et cetera) en de gemiddelde scores van groepsfunctioneren stabiel zijn. Het functioneren van een groep is dus vergelijkbaar, in ieder geval over een periode van twee of drie weken. Dit betekent dat kinderen in een kinderdagverblijf-groep telkens vergelijkbare ervaringen opdoen in contacten met de andere kinderen. Dit vergroot de kans dat groepsfunctioneren belangrijk is voor hoe kinderen zich voelen op de groep en mogelijk ook voor hun ontwikkeling.

Waar hangt groepsfunctioneren mee samen?

Om te weten hoe we groepsfunctioneren kunnen beïnvloeden, is onderzocht waar het mee samenhangt. Hoe ouder de kinderen in de groep, hoe positiever de sfeer en hoe sterker de samenhang in de groep. In kleine groepen, waar kinderen een grotere kans hebben om met elkaar in contact te komen, is de samenhang sterker. In groepen waar de kinderen al langer komen, stemmen kinderen hun gedrag vaker onderling af en zijn ze meer in elkaar geïnteresseerd. Je kunt zeggen dat hun relaties zich in de loop van de tijd verdiepen. Voor het groepsfunctioneren maakt het niet uit hoeveel dagen in de week de kinderen samen in de groep zijn.

De sfeer is positiever in groepen waar pedagogisch medewerkers beter zijn in contacten met de kinderen (interactievaardigheden). Vooral de sensitieve responsiviteit (de mate waarin de pedagogisch medewerker adequaat en attent reageert op signalen van kinderen) is hiervoor belangrijk. Bovendien blijken groepen waar de pedagogisch medewerkers contacten tussen kinderen bevorderen, een sterkere samenhang te hebben. Ook de inrichting van de groepsruimte in verschillende goede speelhoeken is belangrijk voor het groepsfunctioneren.

De gelegenheid die een pedagogisch medewerker heeft om de relaties tussen kinderen te zien (namelijk het aantal dagen in de week dat de kinderen samen naar de groep komen en het aantal dagen in de week dat de pedagogisch medewerker op de groep werkt) blijkt belangrijk voor het zicht dat ze heeft op de relaties tussen kinderen in haar groep.

Meer weten?  

Als je meer wilt weten over groepsfunctioneren, kun je de Nederlandse samenvatting van het onderzoek lezen.