20 augustus 2018

De vakantie is voorbij. Het normale leven is weer begonnen. De eerste paar dagen zullen wennen zijn, maar voor ik het weet zit ik weer in het ritme. Met weemoed kijk ik terug op een fijne vakantie. Even uit de vaste routine van het werk, school, kinderopvang, sportclubs etc. Een tijd voor ontspannen, buiten zijn, genieten met mijn gezin, echt even andere dingen doen dan in het dagelijkse leven. Heerlijk! Ja, een beetje heimwee dus.
Elk jaar weer heeft de vakantie een wonderlijk effect op mijn kinderen. Het voelt bijna alsof de vakantie start met gewoon mijn kinderen en er bij aan het eind twee andere kinderen voor in de plaats zijn gekomen. Eén kind met langere benen en grotere voeten. Dat ineens alleen allerlei avonturen aandurft zoals zomaar op een onbekende afstappen om iets te zeggen of vragen, alleen naar de speeltuin vertrekt of heel brutaal is (lees: kleuterpuber!). Maar ook een baby met twee tanden, die kan tijgeren en zelfs al op handen en knieën gaat zitten om zo weg te kruipen. Uhm, zo heb ik ze niet meegenomen hoor! Ik vind het best veel voor twee weken vakantie.
Beeld ik me dit in of groeien ze echt harder in de vakantie?


Ik ging op zoek en wat blijkt?
• Kinderen groeien in de lente en zomer vaak meer. Dit heeft onder andere te maken met het feit dat ze meer rust krijgen en genieten van de zon en de buitenlucht.
• De onverdeelde aandacht die wij tijdens deze vakanties voor onze kinderen hebben, blijkt een positief effect te hebben op hun eigenwaarde, waardoor ze ook weer nieuwe dingen aandurven.
• Door veel te spelen, leren kinderen over sociale verbindingen, in de zoektocht naar nieuw spel en het plezier en ontdekkingen in contact met ons als ouders en nieuwe vriendjes en vriendinnetjes.
• Buiten zijn heeft een positief effect op de aandacht en de concentratie. Deze blijken al toe te nemen na slechts 20 minuten in de natuur.
• Nieuwe ervaringen en een andere omgeving stimuleren de creativiteit van onze kinderen.


Of komt het misschien toch omdat ik als ouder niet met een been in mijn werk en de vaste routines sta en de ontwikkeling van mijn kinderen me hierdoor meer opvalt? Of misschien omdat ik er minder bovenop zit, meer loslaat en zij zo op een andere manier de ruimte krijgen te experimenteren, leren en te ontwikkelen?
Wat het ook is, ik blijf het bijzonder vinden.

Suus Sas woont samen met haar vriend, dochter (4,5) en zoon (7 maanden) in Nijmegen. Ze is stafmedewerker pedagogiek en blogger bij KION en schrijft elke week over haar belevenissen met (vooral haar eigen) kinderen.

 

13 augustus 2018

Vergeet de peuterpuber, op dit moment hebben we hier te maken met een heuse kleuterpuber. Het duurde even voor ik het in de gaten had, maar na de nodige conflicten, boze buien, ‘ik-vind-jou-stoms’, ‘niemand-vindt-mij-liefs’ en een aantal wegloopmomenten viel het kwartje.
Mijn dochter (4,5) groeit en ontwikkelt zich op dit moment zo hard dat ze er zelf van in de war is en het even niet zo goed kan bijbenen. Ze zoekt nieuwe grenzen, haar zelfbewustzijn groeit en ontdekt hoe de wereld om haar heen hierop reageert.
Niet alleen zij heeft moeite dit bij te kunnen benen, ik ook. Op het moment dat ik me dit realiseerde, kwam ik los van mijn frustratie en de vraag ‘wat er nu allemaal aan de hand is?’ Ik kan niet zeggen dat het ook mijn irritatie wegnam, want tjonge wat kan ik me hier aan ergeren. Te pas en te onpas belanden we in conflict, de kleinste dingen kunnen de oorzaak zijn van een boze bui.
De boze buien als peuter waren anders, die gingen gepaard met huilen en soms schreeuwen. Maar dit zijn boze buien van een grote meiden niveau, en dat is wel even andere koek. Iets niet mogen, iets niet goed begrijpen of soms zelfs het gevoel hebben dat ze ergens op aangesproken gaat worden, kunnen al oorzaken zijn. Rollende ogen, haar armen demonstratief over elkaar en zinnen als ‘Weet je wat het probleem is’ en ‘Ja maar, jij zei dat het niet mocht.’ verlaten haar kleutermondje. Gevolgd door een prachtig theater waarin verschillende emoties de revue passeren. Ze is beland in een web waar ze zelf nog maar heel moeilijk uit komt. Heel hard ‘SORRY’ roepen, wat niet bepaald klinkt als een goedmakertje, is voor haar een manier om te zeggen ‘Help, ik kom er zelf niet meer uit.’
Ze heeft mijn regels en grenzen heel hard nodig en vindt dit in kern ook erg prettig. Maar in deze fase schopt ze er geregeld tegenaan. Ik blijf bij mijn standpunt. Geef haar de ruimte om boos te zijn, reageer niet op alles, maar geef wel aan als ze te ver gaat. Op het moment dat ik zie dat ze er niet meer uit komt, ben ik daar om haar hierbij te helpen. Soms met een gesprekje over wat er allemaal gebeurt en soms alleen voor knuffel en een kus.
Kleine meid, wat kan groter worden soms toch ingewikkeld zijn.

Suus Sas woont samen met haar vriend, dochter (4,5) en zoon (7 maanden) in Nijmegen. Ze is stafmedewerker pedagogiek en blogger bij KION en schrijft elke week over haar belevenissen met (vooral haar eigen) kinderen.

 

6 augustus 2018

Bij het krijgen van kinderen opent zich een nieuwe dimensie aan trots. Natuurlijk was ik voordat ik kinderen kreeg ook trots, maar ik wist toen niet dat dit pas de beginfase van trots zou zijn. Nu ik kinderen heb ben ik trots, zo trots als een pauw, apetrots. Zó trots dat ik ervan overloop en soms zelfs lijk te ontploffen. Eigenlijk startte voor mij deze vloedgolf aan trots nog voor de geboorte. Twintig weken echo en alles goed: flink gegroeid knap kind! Na de geboorte nam de eerste maanden mijn gevoel van trots soms zorgwekkende vormen aan. Een hikje, een niesje, een kreuntje, ik vond alles te gek. Om nog maar niet te spreken over hoe trots ik was op de eerste enorme poepluier. Voelen we als ouders deze trots niet allemaal? Mijn vriend kan er in ieder geval ook wat van. Het is een mooi samenspel waarin we op momenten samen super trots zijn, maar elkaar ook af kunnen wisselen. "Ow kijk Suus, kijk wat hij doet! Nou dit is toch bijna kruipen!".  "Ja lieverd, hij trekt inderdaad bijna een knietje onder zijn lijf.Dat deed hij gisteren ook." Waarop we het volgende moment weer samen staan te juichen om een plotseling doorgekomen eerste tand. Trekkend aan de mond van onze zoon omdat we dit wonder echt moeten vastleggen.

Het gaat niet over en wordt tot nu toe ook absoluut niet minder, misschien wordt het zelfs wel steeds erger. Mijn dochter die ineens kan fietsen, als ze staat te dansen bij de animatie op de camping, als ze heel dapper zelf iets gaat vragen aan iemand die ze niet kent, als ze plotseling iets heel netjes uitknipt, de wijze dingen die ze zegt, als ze gewoon kind staat te zijn. Ik bewonder de dingen die ze doet, de meid die ze is en ik ben ow zo trots.

Ik hoor vaak dat als we als ouders deze trots te veel naar onze kinderen uitspreken, dit niet goed voor ze is. Dat ze het gevoel krijgen te moeten presteren om onze trots te ontvangen of denken dat alles wat zij doen toch wel goed is. Misschien is dit niet helemaal onterecht maar denk eens aan hoe fijn het is om te voelen dat er iemand ontzettend trots op je is. Hoeveel zelfvertrouwen en kracht dit je kan geven om ook weer nieuwe dingen te proberen. Vaak is de trots die ik uitspreek niet eens gerelateerd aan een prestatie. Maar veel vaker nog geniet ik van mijn enorme trots voor haar in stilte 'Wauw, dit is mijn kind...ongelofelijk wat gaaf en bijzonder!’

Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

30 juli 2018

Vriendschappen. Mooi, fijn en soms complex. Al heel vroeg in ons leven krijgen we hiermee te maken. Tussen de twee en drie jaar spelen we vooral nog naast elkaar. Met allebei ons eigen speelgoed. Weet je wel, die fase waarin volwassenen heel hard roepen ‘Samen spelen, samen delen’! en kinderen die deze zin te pas en te onpas herhalen, maar in hun ontwikkeling meestal nog niet in staat zijn dit in de praktijk te brengen.

Vanaf een jaar of vier kiezen we een vriendschap op basis van iets dat we beiden leuk vinden. Deze vriendjes en vriendinnetjes wisselen we met hetzelfde gemak ook weer in. No hard feelings! Nou ja, meestal dan. Soms blijft de ene helft wat verslagen achter of is een kleutervriendschap eentje die standhoudt. Vanaf een jaar of tien verandert er iets in de vriendschap. Deze is niet alleen nog gebaseerd op het doen van een activiteit maar verandert in een relatie waarin je elkaar nodig hebt en elkaar steunt. Bij meisjes vooral door te kletsen en bij jongens door te doen.

Ik heb gemerkt dat bij elke fase in het leven vriendschappen veranderen. Onderweg verdwijnen er enkele omdat deze vriendschap gebaseerd is op een wilde studententijd of je simpelweg uit elkaar groeit, komen er nieuwe vriendschappen bij en zijn er vriendschappen die elke fase overleven. De vriendschappen die elke fase overleven vind ik geweldig. Die hebben een sterke fundering. Je kent elkaar door en door. Je hoeft je niet meer te bewijzen, niet meer onzeker te zijn. Dat is goud waard. Mijn dochter moet nog door een heleboel fases van vriendschappen heen voordat ze deze in beton gegoten vriendschappen kan ervaren. Ze zal nog veel onzekere momenten tegenkomen en zich soms misschien wel afvragen ‘zijn we nou vrienden of nog niet. 

Sinds mijn dochter naar school gaat', zijn vriendschappen een grotere rol gaan spelen in haar leven. Ze hecht er meer waarde aan en vindt het belangrijk dat ze lief gevonden wordt. Zelfs haar eerste verliefdheid heeft ze al te pakken en die wordt nog beantwoord ook. Heel schattig. Tijdens het spelen hoor ik haar regelmatig vragen: “Vind je me nog wel lief? Ben je nog mijn vriend?” Samen kletsen we geregeld over hoe een vriendschap werkt en ik weet dat het erbij hoort, maar toch vind ik als moeder haar onzekerheid best lastig. Het liefst zou ik deze gevoelens voor haar wegnemen, helaas gaat dat niet. En al zou het me lukken, dan neem ik ook een deel van de lessen die ze hieruit gaat leren weg.

Nu we twee weken op de camping staan, speelt het maken van nieuwe vriendschappen ook een grote rol. Mijn dochter die normaal gesproken, na een moment van verlegenheid vrij makkelijk nieuwe vriendschappen sluit, wist even helemaal niet waar ze moest beginnen. De tenten naast ons hadden helaas geen leuke meisjes in de aanbieding. Daardoor bleef het spel, van eerst een tijdje naar elkaar staren en daarna steeds een beetje meer toenadering zoeken, uit. Ze voelde zich niet happy en wilde met mij spelen… elke dag… de hele dag. En ik? Ik sloeg de plank mis en zei: “Ga anders even een rondje lopen over het veld om te kijken of je een vriendje kunt vinden”. Dat wilde ze niet, logisch, soms heeft ook zij hierin wat hulp nodig.

Precies op het moment dat ik me dit realiseerde, werden we plots gered. Gered door vrienden. Vrienden met drie dochters die spontaan besloten op dezelfde camping te komen staan. Een les in het sluiten van nieuwe vriendschappen lopen we hierdoor mis. Maar we krijgen er heerlijke momenten met vrienden voor terug. En dat maakt ons allemaal gelukkig.

Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. 

 

Deze website maakt gebruik van cookies.

> Meer informatie

Deze melding sluiten