Vriendschappen. Mooi, fijn en soms complex. Al heel vroeg in ons leven krijgen we hiermee te maken. Tussen de twee en drie jaar spelen we vooral nog naast elkaar. Met allebei ons eigen speelgoed. Weet je wel, die fase waarin volwassenen heel hard roepen ‘Samen spelen, samen delen’! en kinderen die deze zin te pas en te onpas herhalen, maar in hun ontwikkeling meestal nog niet in staat zijn dit in de praktijk te brengen.

Vanaf een jaar of vier kiezen we een vriendschap op basis van iets dat we beiden leuk vinden. Deze vriendjes en vriendinnetjes wisselen we met hetzelfde gemak ook weer in. No hard feelings! Nou ja, meestal dan. Soms blijft de ene helft wat verslagen achter of is een kleutervriendschap eentje die standhoudt. Vanaf een jaar of tien verandert er iets in de vriendschap. Deze is niet alleen nog gebaseerd op het doen van een activiteit maar verandert in een relatie waarin je elkaar nodig hebt en elkaar steunt. Bij meisjes vooral door te kletsen en bij jongens door te doen.

Ik heb gemerkt dat bij elke fase in het leven vriendschappen veranderen. Onderweg verdwijnen er enkele omdat deze vriendschap gebaseerd is op een wilde studententijd of je simpelweg uit elkaar groeit, komen er nieuwe vriendschappen bij en zijn er vriendschappen die elke fase overleven. De vriendschappen die elke fase overleven vind ik geweldig. Die hebben een sterke fundering. Je kent elkaar door en door. Je hoeft je niet meer te bewijzen, niet meer onzeker te zijn. Dat is goud waard. Mijn dochter moet nog door een heleboel fases van vriendschappen heen voordat ze deze in beton gegoten vriendschappen kan ervaren. Ze zal nog veel onzekere momenten tegenkomen en zich soms misschien wel afvragen ‘zijn we nou vrienden of nog niet. 

Sinds mijn dochter naar school gaat', zijn vriendschappen een grotere rol gaan spelen in haar leven. Ze hecht er meer waarde aan en vindt het belangrijk dat ze lief gevonden wordt. Zelfs haar eerste verliefdheid heeft ze al te pakken en die wordt nog beantwoord ook. Heel schattig. Tijdens het spelen hoor ik haar regelmatig vragen: “Vind je me nog wel lief? Ben je nog mijn vriend?” Samen kletsen we geregeld over hoe een vriendschap werkt en ik weet dat het erbij hoort, maar toch vind ik als moeder haar onzekerheid best lastig. Het liefst zou ik deze gevoelens voor haar wegnemen, helaas gaat dat niet. En al zou het me lukken, dan neem ik ook een deel van de lessen die ze hieruit gaat leren weg.

Nu we twee weken op de camping staan, speelt het maken van nieuwe vriendschappen ook een grote rol. Mijn dochter die normaal gesproken, na een moment van verlegenheid vrij makkelijk nieuwe vriendschappen sluit, wist even helemaal niet waar ze moest beginnen. De tenten naast ons hadden helaas geen leuke meisjes in de aanbieding. Daardoor bleef het spel, van eerst een tijdje naar elkaar staren en daarna steeds een beetje meer toenadering zoeken, uit. Ze voelde zich niet happy en wilde met mij spelen… elke dag… de hele dag. En ik? Ik sloeg de plank mis en zei: “Ga anders even een rondje lopen over het veld om te kijken of je een vriendje kunt vinden”. Dat wilde ze niet, logisch, soms heeft ook zij hierin wat hulp nodig.

Precies op het moment dat ik me dit realiseerde, werden we plots gered. Gered door vrienden. Vrienden met drie dochters die spontaan besloten op dezelfde camping te komen staan. Een les in het sluiten van nieuwe vriendschappen lopen we hierdoor mis. Maar we krijgen er heerlijke momenten met vrienden voor terug. En dat maakt ons allemaal gelukkig.

Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. 

 

Deze website maakt gebruik van cookies.

> Meer informatie

Deze melding sluiten