In ons hoofd gaan we alle plekken af waar we zijn geweest. Had ze haar muis nog in de winkel? (Muis mag niet mee op pad, we vonden het voor één keer goed... ) Als we muis na een half uur zoeken in huis, in de auto en in de winkel niet vinden slaat de paniek toe! Waar is de lievelingsknuffel van mijn dochter?! Langzaam begin ik haar voor te bereiden op het feit dat muis misschien wel niet meer terug-komt. Ze schiet van de ene emotie in de andere van hoop: “Misschien is hij wel vast naar papa gelo-pen”, naar moed: “Ik kan denk ik wel slapen zonder muis”, naar verdriet: “Ik wil muisje!”.Terwijl mijn vriend de zoektocht voortzet in de winkel, blijf ik met buikpijn thuis bij de kinderen.

Met weemoed denk ik aan de muis die vanaf het eerste bestaan van mijn dochter door haar betut wordt. Ik merk dat niet alleen zij, maar ook ik vreselijk gehecht ben aan dat stinkende todje dat ooit een spierwit, zacht muisje was. Even vraag ik me af wie dit nou erger vindt, zij of ik.

In een doos onder mijn bed ligt mijn lievelingsknuffel: Miss Piggy, een dik, roze varken, mijn steun en toeverlaat. Ik weet nog dat als ik vroeger huilde, dit direct stopte als ik Miss Piggy bij me had. Het ging gewoon vanzelf. Nu ligt ze onder mijn bed in een doos. Meer bruin dan roze, geen varken meer, enkel een hoopje stof waar je als je je best doet een poot en een kop uit kunt halen. Maar ik heb haar nog en dat is fijn. Ze hoort bij het kind dat ik was, het is een waardevolle herinnering. Misschien is dit ook de reden dat ik het vreselijk vind dat muis nu weg is.

In de winkel neemt mijn vriend de zoektocht uiterst serieus. Is hij misschien ook zo gehecht aan muis? Voelt het alsof we een onderdeel van mijn dochter verloren zijn? Na het uitpluizen van alle winkel-mandjes, het uithoren van het winkelpersoneel en het bekijken van de camerabeelden (ja echt!), komt hij erachter dat muis in de prullenbak is beland (iemand heeft de knuffel van mijn dochter serieus weggegooid!) en natuurlijk zijn de bakken al geleegd. De manager begeleid mijn vriend, die vastbera-den is de muis te vinden, naar een stapel van zo’n 20 vuilniszakken....
De zoektocht wordt beloond, boven in de derde zak ligt muis.

Als hij thuiskomt, kunnen we beiden wel huilen van geluk. Ja, we realiseren ons prima dat dit mogelijk een tikkie overdreven is. Maar hey, dit gaat om muis, dé lievelingsknuffel van mijn dochter!

Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat knuffels jonge kinderen veel steun bieden. Een knuffel geeft meer zekerheid, biedt troost en helpt bij de ontwikkeling van zelfstandigheid.
Het is trouwens niet altijd een knuffel, het kan ook een pop, een speen, een puntje van de deken of een zakdoek zijn. Dit bepalen ze helemaal zelf. Na een paar jaar zie je dat de behoefte aan de knuffel vanzelf minder wordt. De knuffel heeft het kind geleerd zichzelf te troosten, waardoor de verbonden-heid met de knuffel langzaam verdwijnt (gemiddeld rond de zes jaar).

Dus lief meisje tut, knuffel en slaap maar lekker zo lang als je wil met die heerlijke stinkmuis (ze wordt heel boos als ik zeg dat hij stinkt).

Suus Sas woont samen met haar vriend, dochter (4,5) en zoon (9,5 maand) in Nijmegen. Ze is stafmedewerker pedagogiek en blogger bij KION en schrijft elke week over haar belevenissen met (vooral haar eigen) kinderen.

Deze website maakt gebruik van cookies.

> Meer informatie

Deze melding sluiten