Als ze binnenkomt hangt ze haar jas aan de kapstok en zet ze haar schoenen in de gang (yeah right).
Voor ze goed en wel in de woonkamer staat, heeft ze vaak de broek al op haar enkels en terwijl ze haar trui uittrekt vraagt ze: “Mag ik me verkleden?” Haar gezichtje komt onder de trui tevoorschijn, wenkbrauwen opgetrokken, mond een stukje open. “Ja hoor lieverd, dat mag.” De ene dag stelt ze de vraag, de andere dag rent ze zonder iets te zeggen al kleren uitgooiend naar boven om zich om te toveren.

Er gaat geen dag voorbij dat mijn dochter zich niet verkleed. Als een prinses... “Ik ben geen prinses, ik ben een koningin!” “Ow ja, ik zie het, sorry.” Als een echte koningin schrijdt ze door de kamer. Met een felblauwe ‘ijskoninginnen’-jurk, zilveren hakschoentjes (wat maken die dingen een herrie), nepvlecht in het haar, ketting om, handschoentjes aan en een lange cape gemaakt van een fleecedeken. Het is een prachtig gezicht. Met haar neus in de lucht duikt ze volledig in haar rol. Ze vraagt zelfs haar broertje op koninklijke wijze of hij even voor haar aan de kant gaat. Als hij geluk heeft tenminste. Want soms is ze geen koningin, maar mama en hij is haar baby. Dan trekt ze het liefst mijn kleren uit de kast en sjouwt ze met hem rond, moet hij zitten in haar buggy of slapen in een bedje dat ze maakt. En is ze geen mama, koningin of ballerina, dan is ze baby. Dan zit ze bij me op schoot, kruipt ze door de kamer, drinkt ze uit een flesje, kan ze niet meer praten en moet ze ontzettend lachen als ik doe alsof ik haar luier verschoon. Ik snap het wel, met zo’n klein broertje in huis wil je niet altijd maar de grote zus zijn. En als ze moe is van al dat verkleden? Dan rent ze naar boven en trekt ze haar pyjama aan. Heerlijk!

Vorige week mocht ze verkleed naar school. Dat vond ze geweldig. Een beetje verlegen, maar ook ontzettend trots. En weet je wat ze ook geweldig vond? Dat wij ons ook verkleedden. Dat we samen als Nijntje en moeder Pluis naar de optocht keken en ze tegen me zei: ‘Eigenlijk is er niets anders, want ik kan jou nu ook gewoon mama noemen.’

Het spelen van een rollenspel is een belangrijk onderdeel in de ontwikkeling van een kind. Het is dé manier om de wereld en je identiteit te ontdekken. Dat wat je hebt gezien of meegemaakt zoals een bezoek aan de tandarts, een mopperende mama of iets dat op de televisie was te verwerken. Te leren over eigen gevoelens en die van anderen. Te kijken hoe een ander reageert op wat je zegt en doet. Het is veilig om in een rol sociale interacties te oefenen. Het bevordert niet alleen de sociaal emotionele ontwikkeling, maar ook de communicatieve vaardigheden. En het draagt bij aan de ontwikkeling van het denken, inbeelden, doen alsof, plannen, afvragen, twijfelen, herinneren, raden, hopen, experimenteren en opnieuw doen.
Niet alleen leuk dus, maar ook een essentieel onderdeel in de ontwikkeling.
Ga mee in het spel van je kind. Praat met de prinses zoals je met een prinses hoort te praten. Laat je knippen (alsof natuurlijk) bij de kapper en eet de heerlijke taartjes van de kok.

Ow, en ben je flink wezen feesten vorige week? Goed nieuws, het spelen van een rollenspel kan ook voor volwassenen een uitstekende uitlaatklep zijn.

Suus Sas woont samen met haar vriend, dochter (bijna 5) en zoon (1) in Nijmegen. Ze is stafmedewerker Pedagogiek en blogger bij KION en schrijft elke week over haar belevenissen met (vooral haar eigen) kinderen.