Terwijl je kind de wereld ontdekt. De grenzen van zijn kunnen leert kennen en verlegt. Daarbij soms ook nog moe, enthousiast of onhandig is… ontkomt je kind er niet aan. Vallen, stoten, butsen, schaven… Het hoort erbij, ook dit hebben ze nodig om te leren en zich te ontwikkelen. Vallen en opstaan. Een val van de fiets, een hoofd tegen de rand van de tafel, vinger tussen de deur, een val op straat… ga zo maar door. Huis- tuin- en keukenongelukjes.

Onze zoon is een echte brokkenpiloot. Of nou ja, eigenlijk is hij heel erg handig. Hij klimt, klautert, rent en springt de hele dag. Helaas horen daar ook de nodige ongelukjes bij. Zijn melkwitte benen zijn versierd met blauwe plekken en schaven in allerlei kleuren en maten. Een trapper van zijn fiets (hij heeft net leren fietsen), een misstap op de trap, een struikel op de stoep. Ook zijn hoofd is geregeld aan de beurt. Een speelhuisje dat toch lager bleek dan gedacht, een in de weg staande deurpost, een stoere rol met een buts van zijn hoofd als afsluiter. Wat je ook bedenkt hij heeft zich er al aan gestoten. Op dit moment bevinden we ons midden in het avontuur van een loslatende vingernagel nadat deze tussen twee flinke stenen terecht kwam.

Het is niet leuk, maar gelukkig zijn wij daar om onze kinderen te troosten, tenminste… Onze zoon is, als hij zich echt bezeert, de eerste tellen niet te troosten. Op het eerste moment is er alleen maar ruimte voor een (zoals wij dat noemen) “pijndansje”. Al huilend stampt en trappelt hij in het rond. Na een paar tellen keert hij zich naar één van ons en is er ruimte om getroost te worden. De woede, schrik, frustratie, pijn moet er eerst uit getrappeld worden.
In het begin vond ik dit best lastig. Bij echte pijn is mijn eerste reactie namelijk ‘Ach liefje kom hier, ik kus je, ik troost je!’ Maar dat is bij hem NOT DONE! Hem niet de ruimte geven die hij op dat moment nodig heeft resulteert in schreeuwen en nog meer boos.

Ondertussen hebben we onze weg gevonden. Bezeert hij zich en zien we dat het echte pijn is, dan gaan we rustig bij hem in de buurt zitten. Meestal zeggen we iets als: ‘Oeh liefje, dat deed echt pijn hé.’ Vaak valt hij dan, na het doen van zijn pijndansje, in je armen en kunnen we hem naar hartenlust knuffelen, kussen en troosten. Tegenwoordig roept hij dan door zijn tranen heen: ‘Ik zeg toch dat ik geen pijn meer wilde hebben!’ Ja vriendje, wat een pech, het is ook echt niet fijn hè. En ja, het is soms echt moeilijk als je hem zo graag wilt troosten, hè oma… Ook mijn moeder heeft al een aantal keer een flinke ‘NEE GAAA WEEEGG!’ gekregen als ze haar verlangen hem toch direct te troosten niet in bedwang kon houden.

Langzaam komen we er achter dat ook onze jongste dame behoefte heeft aan “pijndansjes” (ja, de wereld ontdekkende baby’s stoten zich ook geregeld). Wat een verschil met mijn oudste dochter die niet boos gaat trappelen, maar direct heel erg verdrietig wordt. Ow ja, en sinds afgelopen week vindt dat ze te weinig geknuffeld wordt als ze zich bezeert…

Suus Sas woont samen met haar vriend, dochter (7), zoon (3) en baby in Nijmegen. Ze is stafmedewerker pedagogiek en blogger bij KION en schrijft om de week over haar belevenissen met (vooral haar eigen) kinderen.