Zwemles, er zijn veel momenten die ik me nog kan herinneren van toen ik zelf in mijn zwempakje bibberend op de kant stond. Zo herinner ik me van mijn A-diploma het grote koude bad, het meisje uit mijn groepje dat elke les moest overgeven van de spanning en mijn moeder, die boven op de tribune naar me keek. Van mijn B-diploma herinner ik me een warmer en kleiner bad, de tocht naar het zwembad met de hele klas en natuurlijk het onder de mat door zwemmen.


De mat! Als de dood was ik, dat ik precies onder deze, voor mijn gevoel vreselijk grote, mat ineens geen lucht meer zou hebben. Dat ik dan boven water wilde komen, maar dat dit niet kon. In alle keren dat ik onder de mat door zwom is dit nooit gebeurd. Maar ik ben het nooit minder eng gaan vinden. Als ik dan ook met mijn achterhoofd nog net het randje van de mat aanraakte, voelde dit alsof ik door het oog van de naald was gekropen.

Nu is het de beurt aan mijn dochter. Haar A-diploma heeft ze al gehaald. De grote mat is gelukkig vervangen door een doek met een gat erin. Even vond ze dit wel spannend, onderwater zo’n gat in zwemmen. Ze vertelde me dat ze bang was in het gat te blijven hangen en niet naar boven te kunnen. Ik beloof plechtig dat ik hier geen aandeel in heb gehad, de mat was voor die tijd nooit ter sprake geweest. Toen ik haar vertelde dat het gat eigenlijk niet meer was dan een papiertje met een gat erin. Dat dit zo dun is dat je nog net voor je door het gat gaat naar boven kan en direct nadat je er doorheen bent gegaan ook weer (uitgebeeld met een papiertje en mijn vinger), was het voor haar goed.  

Nu het gat voor haar B-diploma verder weg ligt, lijkt het niet meer te lukken. Ze duikt het water in, zwemt twee slagen onder water en komt dan weer boven. Keer op keer op keer.
Ik vroeg haar of de juf haar tips had gegeven, maar ze vertelde me dat de juf alleen maar een beetje boos was dat het niet lukt. ‘Je kon het ook voor je A-diploma, dus kun je het nu ook.’
Het gat werd een steeds groter probleem. Op haar zwemkaart stonden grote uitroeptekens bij het gat. Toen ze na de Corona sluiting weer mocht beginnen kreeg ze direct buikpijn. Ze moest met momenten huilen en haalde steeds weer het onderwerp zwemles aan.

Arm kind. Wat een vreselijk gevoel als je ergens zo tegen op ziet.
Elke zwemles was precies hetzelfde. Ze kwam te vroeg boven water, klom uit het water, liep naar de juf, zei iets en ging weer in de rij staan. Waar ze met haar handen drukkend in haar buik wachtte tot de tweede en laatste poging van die les. ‘Volgende keer lukt het misschien wel hoor juf.’

Helaas was de juf (volgens haar) nog steeds “boos” dat het maar niet wilde lukken.

Oh, wat kan mij het schelen of mijn kind door dat stomme gat kan zwemmen. Het is een goede zwemmer, ik weet dat ze lang onder water kan zwemmen. Dit hebben we namelijk al vaak geoefend in natuurwater. Van mij hoeft ze het niet te kunnen, maar ja…ik gun haar ook wel een diploma, net als de rest van haar groepje. Maar bovenal gun ik haar dit gevoel niet. Ik vind het zo naar om te zien. Ik wil naast het bad staan om haar te steunen, te roepen dat ze het kan of dat het oké is als het niet lukt.


Nog 4 weken tot het afzwemmen. In de auto haalde ze het onderwerp weer aan en we bespraken het gat en het feit dat er deze week een andere juf zou zijn.
De juf bleek een meester, de zwemles zag er anders uit. Er werden spelletjes gedaan en er werd langzaam opgebouwd naar het gat. Oefenen met duiken,  eerst het A-diploma gat dichtbij en toen het B-diploma gat erbij. Ow jee…twee gaten. Ik keek en voelde de spanning in mijn hele lijf. Owwwww ik gun het haar zo dat het lukt.
Ze duikt….het water is stil….ik zie niets….dit duurt lang. En dan komt ze plots boven, ver voorbij het tweede gat. JAAAAAAAAAAAAAAAA!!!! ZE DEED HET! JE DEED HET! Ik schiet van mijn stoel en doe een vreugde dansje! Ik ontplof van trots, ik voel het branden in mijn lijf. Ik zie haar brede glimlach.
Als ze me komt knuffel ik haar plat. ‘Liefje, ben je trots op jezelf?’, ‘oh goed zo, ik ben ook ontzettend trots op jou.’
Onderweg naar huis halen we een dikke ijs om het te vieren. ‘Gelukkig had je niet gegild mama’. Onze dag kan niet meer stuk. 

Suus Sas woont samen met haar vriend, dochter (6) en zoon (2) in Nijmegen. Ze is stafmedewerker pedagogiek en blogger bij KION en schrijft elke week over haar belevenissen met (vooral haar eigen) kinderen.